Greenvis engineering

Hernieuwbare bronnenpotentie in de stad Utrecht

De gemeente Utrecht streeft ernaar om zo snel mogelijk klimaatneutraal te zijn. Om dit te realiseren moet ook de verwarming van de gebouwde omgeving volledig klimaatneutraal gebeuren. Bovendien heeft de gemeente met de Regionale Energiestrategie en de Transitievisie Warmte ook de plicht om hiervoor een door de gemeenteraad vastgesteld plan in te dienen bij de Rijksoverheid.

Huidige situatie

Dertig procent van de huidige warmtevraag is anno 2019 aangesloten op een warmtenet, waarvan de voeding nog voor een groot deel fossiel is ingevuld. Voor de overige 70 procent moet een alternatief voor de aardgasketel worden gerealiseerd. Deze studie focust op collectieve, duurzame warmtebronnen in Utrecht, hun eigenschappen, locatie en potentie en hoe ze overeenkomen met de eigenschappen, locatie en omvang van de warmtevraag.

Doelen

De geformuleerde doelen van dit onderzoek waren:

  • Doel 1: Een compleet en helder overzicht bekomen van beschikbare hernieuwbare warmtebronnen voor haar gemeente;
  • Doel 2: Inzicht in de mogelijke toepassing van deze warmtebronnen in de verschillende buurten;
  • Doel 3: Inzicht in waar bodemenergiecapaciteit voldoende al dan niet voldoende aanwezig is.;
  • Doel 4: Bruikbare input genereren voor een gemeentelijke analyse met het Vesta MAIS model

Projectaanpak

De aanpak was als volgt. In de eerste fase zijn landelijke, regionale en lokale informatiebronnen over diverse warmtebronnen geïnventariseerd. Waar onvolledig of niet voldoende diepgaand hebben we getracht om de ontbrekende info aan te vullen door eigen analyse-stappen en/of contact te leggen met de partijen achter data, onderzoeken of projecten.

Fase 2 ging dieper in op de koppeling tussen vraag en aanbod, de rol van bodemenergiesystemen en scenario’s naar een duurzaam verwarmde stad Utrecht.

Resultaat

Het project resulteerde in de volgende producten en inzichten:

  • Heldere vergelijkingstabel met hernieuwbare warmtebronnen in de gemeente en o.a. hun potentie (bandbreedte), temperatuur en SWOT eigenschappen;
  • Factsheet per warmtebron met gedetailleerde informatie over die bron;
  • Tijdlijn waarin deze bronnen beschikbaar komen in de gemeente op basis van een aantal aannames;
  • ‘Menukaart’ van lokaal beschikbare warmtebronnen per buurt in de gemeente, als startpunt voor verdere verkenning;
  • Capaciteit en mogelijk tekort aan bodemenergiesystemen (WKO);
  • Mogelijke scenario’s naar een duurzaam verwarmde stad Utrecht.

Aan dit project hebben o.a. meegewerkt:

Daniël De Greef

Consultant